Het leven van een kapoen (6-8 jaar) is er één vol spel, fantasie, creativiteit en expressie. Spelenderwijs en ongedwongen ontdekken we samen met hen de wereld. De leiding gaat hierbij uit van het kind zelf, van wat hen boeit en aanspreekt. De kapoenen vormen de jongste tak. Alle jongens en meisje die 6 worden in het jaar waarin het scoutsjaar start (september) kunnen erbij. Net zoals je naar het eerste leerjaar mag. De kapoenen leren spelenderwijs omgaan met elkaar, de natuur en de omgeving. Ze gaan op zoek naar de Valse Chocoladedief, ze draaien met z'n allen de molen van de molenaar en ze krijgen hun eerste fietsdiploma. Ze gaan met de trein naar Antwerpen en bezoeken de boten, de zoo of het strand van St-Anneke. Kapoenen gaan op zoek naar het indianenkamp in het bos of bereiden een super-groei-middel voor de groenten in de tuin. Maar ze leren ook afwassen, de straat oversteken en fietsen. Ze vergaderen elke zondag in Kloosterheide (*), normaal van 2 tot 5, en soms eens een ganse dag van 10u tot 5u. Twee of drie maal per jaar gaan ze op weekend. Meestall in een iets luxueuzer verblijf (normaal een van de domeinen van VVKSM), soms ook "echt" met gamel en slaapmatje, maar wel steeds in een deftig lokaal. Begin juli gaan de kapoenen 5 dagen op kamp ergens in Vlaanderen. Voor sommigen de eerste maal alleen op stap. Ze verblijven ergens in lokalen, in de buurt van bossen en speelweiden, waar ze zich volop kunnen uitleven en op ontdekking kunnen gaan.